Ik zou nu hartstikke gemakzuchtig kunnen gaan zitten doen. Gewoon herhalen wat ik vorig jaar tikte op Koningsdag.
Dat begon zo:
Als / Koningsdag (Voluit leven 9)
Als het dan voor de zoveelste keer Koningsdag wordt. Weer is.
En het ook voor de zoveelste keer een slagveld wordt. Weer is.
Als je dan voor de zoveelste keer ... .
Maar geef toe: da's te gemakzuchtig. Doe ik dus niet. En als je wilt weten wát ik bij de 2025-editie van Koningsdag dan allemaal deed, dan raad ik je aan om dat ff op te zoeken op mijn oude blog (https://erikhuisman.wordpress.com/2025/04/26/mallemolen-536/)
Tip: lees daar na het derde blokje ff door, dan neem je de apologie mee.
Over Koningsdag 2026 kan ik kort zijn en dat is een typisch gevalletje van tijdnood. De zelf-opgelegde traditie wil namelijk dat ik na het ochtendprogramma altijd het NOS-verslag van Koningsdag integraal (terug)kijk.
Dus houd ik het voor nu bij: Vrijmarkt op De Fred. Het was wat ons betreft zeer goed gelukt. We waren er al vroeg. En je weet hoe het dan is. Gewoon. Heel veel rommeltjes, handelaren (amateur en professioneel), zangertjes, rook/bbq, cupcakes, brownies, nóg meer zangertjes en ook gitaristjes en violistjes, kleding en nóg meer kleding. In dat geweld heb ik hier en daar een boek gekocht. Werd (andermaal) een gevalletje uit de hand escaleren. :-)
En nu dus tijdnood. Al die 23 boeken moeten in mijn lijst genoteerd worden (want dubbele boeken wil ik niet en helemaal scherp heb ik mijn boekenbezit niet). En ik moet ze opbergen natuurlijk. En ik zit dus met de koning c.s. in Dokkum.
Misschien denk je straks: deze heb ik toch al eens gezien? Dan
zit je half goed. Eerder had ik het over ‘Grote Panda & Kleine Draak’ en
‘De reis van Grote Panda & Kleine Draak’ van James Norbury. Beide boeken
nemen je mee door de seizoenen en op een reis. Het zijn doorlopende verhalen én
vrijwel elke pagina biedt een op zichzelf staande tekening plus
inzicht/overdenking.
Prachtig.
Ik had het eerder ook over ‘De reis van de wijze kat’. Ook
mooi. Weer tekeningen, maar met aanmerkelijk meer tekst.
Stuk voor stuk zijn het mooie boeken. Boeken waaraan je
- als ouder én kind - veel kunt hebben als je bent geraakt door kanker. Of door een
andere ontwikkeling die je leven totaal verandert. De boeken gaan over avonturen, onverwachte voorvallen,
verdriet, vreugde, hoop, vrees en hoe met dat alles om te gaan.
En nu dus weer een Norbury: De hond, de wolf en de maan. Ook
dit boek is vooral een leesboek.
De kracht van ‘De hond, de wolf en de maan’ is dat het géén happy
end heeft. In elk geval niet voor de wolf. En dat het boek niettemin
hoopvol is. De wolf is oud, sleept de jonge hond Amaya onder de poten en kaken van zijn roedelgenoten vandaan,
raakt daarbij zwaargewond en maakt de keus zich over Amaya te ontfermen.
Amaya zoekt haar ouders. Ze volgen de maan; niet dat ze
weten of die hen bij Amaya’s ouders zal brengen, maar als ze blijven waar ze
zijn, vinden ze hen zeker niet terug. De reis van de hond en de wolf is vol
moeilijkheden. Blokkades, twijfels, hun pad is onzeker en de krachten van de
wolf begeven het.
De ouders van Amaya komen nooit in beeld, maar toch vinden ze
veel. Inzichten. Ze maken een mentale/spirituele reis. Over verlies, hoop,
vertrouwen, dwars door alles heen. Echt een boek voor oude wolven én voor jonge
honden over liefde, opoffering, verantwoordelijkheid en het omarmen van
verandering.
James Norbury: ‘De hond, de wolf en de maan’
ISBN 9789464043457
* Voor Carma – Centrum voor leven met en na kanker schrijf ik elke maand een boektip. Een aantal alinea’s over een boek waar ik tegenaan liep. Ik probeer aan te geven waarom het boek mij raakte en geef aan waarom mensen geraakt door kanker er wat aan kunnen hebben. Dat kan nadrukkelijk óók gewoon plezier zijn, zoals ik dat beleef aan het lezen voor en schrijven van deze stukjes.
Dit is - sinds 13-04-2026 - de voortzetting van het blog dat ik al sinds 2011 had. Dat blog had ik op Wordpress. Daar kwam ik niet meer op als gevolg van allerlei gehannes met inlogs en apps en vergeefse verzoeken om hulp.
En dus koos ik voor deze opvolger. Zo kon ik door blijven schrijven zonder dat het me nog meer energie kost. Wie mij enigszins volgt weet dat energie sinds september 2020 onaangenaam beperkt voorradig is met dank aan een nare ziekte. Daarom dus deze voortzetting van mijn activiteiten als blogger.
Vandaar deze aftrap.
Op mijn WordPress-blog had ik de pagina's Over Erik Huisman, Mijn boeken, Lezingen, Strand & Zee, Schaatsen, Taal en Boeken. Die staan inmiddels in volle glorie op dit blog. En dat is maar goed ook want dan heb je meteen zicht op wie er achter dit blog zit. En wat betreft de pagina Lezingen is dat extra leuk, want daarop leg ik uit wat mijn lezingen 'Voluit leven' en 'Voluit leven(i)skunst' inhouden. Daar vind je ook de agenda.
Om de actuele draad op te pakken staat hieronder mijn laatste blog van Wordpress: Mallemolen 570.
En voor wie pas hier kennismaakt: ja, je ligt er 570 achter plús allerlei andere schrijfsels die ik sinds 2011 produceerde. Wie dat wil, kan het allemaal vinden op erikhuisman.wordpress.com.
Ik ‘loop’ weer bij de psycholoog. Vandaag was een sessie. Mijn jongste zus wilde weten hoe het was geweest en of het was gelukt samen wat handvatten te vinden. Dat hielp me meteen met het huiswerk.
Enigszins gestroomlijnd wat ik schreef aan mijn zus: Soms blijft iets moeilijk, ook als het logisch lijkt. Of als het klein is of dat lijkt. Of niet nieuw is. En soms kom je niet achter de oorzaak. En soms (als je de oorzaak wel weet) kom je niet achter een oplossing. Oorzaak e/o oplossing zitten in je, dat weet je, maar je komt er almaar niet bij, je krijgt het niet scherp.
Ik heb ervoor gekozen niet te blijven puzzelen (en lang energie verliezen) en hulp te vragen. Vaak weet zo’n psych n.a.v. je verhaal een goede vraag te formuleren of je een goede opdracht te geven of zaken anders op een rijtje te zetten dan je zelf tot dan toe deed.
Wat er was en is: ik ben/was/blijf almaar moe, prikkelbaar. Schakelen bij problemen, drukte, gedoe gaat moeizamer en dan raak ik in problemen. Dan moet ik er in sociaal opzicht abrupter de rem op gooien. Zo ook met dingen die ik puur voor mezelf doe. Ophouden, inkorten, anders doen. Of niet doen. En ook: ongemak en irritaties blijven langer zeuren.
Dat alles wist ik al langer. En daarom had ik de oncoloog in september gevraagd wanneer de bodem was bereikt van het aantasten van mijn energieniveau door de testosteronremming. Mijn aanname was: er komt een moment dat alle testosteron uit je lijf is (ook uit weefsels die heel traag cellen vernieuwen) en dus zal er wel een bodem zijn.
Nou, die bodem is er niet, zei de oncoloog, de uitholling gaat door.
Op zich is dat niet groot; ik ben al jaren gewend aan elke keer iets minder energie hebben en gewend aan zaken als steeds iets sneller moe worden en langer moe zijn. En ik heb geleerd me daaraan (proberen) aan te passen; toegeven zonder op te geven. Toch zat de vermoeidheid me dwars, net als sneller kribbig en geïrriteerd zijn en in mijn hoofd ‘leeg’ zijn, moeilijker kunnen schakelen, moeizamer opstaan en de dag starten. Er bleef wat knagen.
Ik heb nu twee sessies bij de psycholoog gehad.
Bij het eerste gesprek vond ze dat mijn lat knap hoog ligt. Ze vroeg zich af wat ik deed en doe om minder moe, prikkelbaar, leeg en kwetsbaar te zijn. En ook welke controlemechanismen ik gebruik.
Dat heb ik drie weken bijgehouden. Een aardig lijstje.
zorgen voor voldoende slaap en ‘Untire’-pauzes (Untire is een app)
opgenomen tv-programma’s kijken
WK Sprint en WK Allround schaatsen kijken
wandelen om een broodje te halen / een flutboodschap te doen / richting strand
op Youtube liedjes beluisteren en er een playlist van maken voor mijn lezing ‘Voluit Leven(i)skunst’
op de tablet me laten opslorpen door een bubbleshoot-spel
Een groot punt werd ‘druk van de ketel halen’:
ben ik onrustig? Wat is de oorzaak?
als ik veel ‘moet’ doen: wat moet daarvan echt? En wat moet nu? En hoe goed/snel/veel/hoog moet het?
me even verliezen in een mooi boek
de Fit4Life-training (een soort crossfit) doen met de instelling ‘alles wat lukt is meegenomen’
gedachten opschrijven en ordenen
proberen of het boek ‘Laat los wat je kapot maakt’ hier en daar handgrepen biedt
RENNEN! dat is fysiek inspannend, maar eenmaal onderweg is of kan er weinig tot niets; je kunt denken in flarden en eenmaal terug ben ik gegarandeerd rustiger en bezie ik alles relatiever.
Het maken van het lijstje hielp al iets; dan zie je het voor je.
In het tweede gesprek – vandaag – kwam het na het voordragen uit mijn inventarisatie ook op het beeld dat ik nu heb van de toekomst. Mijn antwoord was dat ik weet dat ik een forse stap terug zet als de testosteronremming zijn grip verliest; dan zijn er veel slimme snertcellen die mateloos kunnen groeien doordat ze geen testosteron nodig hebben. Dan gaat het snel helemaal mis met mij. Er moet/kan dan worden bijgeschakeld met een ander middel. Erbij dus. En elke ingreep heeft forse bijwerkingen. Over dat scenario ben ik niet zeer verontrust. Het gebeurt ooit, maar geen mens weet wanneer en het lukt om me daar niet druk om te maken.
De psycholoog dacht dat er qua toekomst misschien nóg iets speelt, iets met betrekking tot de bijwerkingen van de testosteronremming. Ik denk nu dat ze daar raak schoot en iets aanboorde. Op zich is het geleidelijke verlies van energie/weerstand/stressbestendigheid niet het probleem (daar ben ik aan gewend), maar is het wel zo dat ik er nooit rekening mee heb gehouden dat er geen bodem is van de uitholling ervan. Mijn hoofd weet het, maar het daalt niet in.
Ik denk dat het vergelijkbaar is met de tijdelijke paniek toen ik volledig werd afgekeurd. In alles was dat goed. Ik had alles geprobeerd, gedurende de re-integratie tekende het zich ook al af door de trage opbouw van werkuren en ik had bij de opbouw en uitbreiding van uren en taken meerdere keren stappen terug moeten doen. Afgekeurd worden was dus klip en klaar. Tóch zat er toen ergens in mijn hoofd de overtuiging dat ik hoe dan ook een paar dagdelen werk zou houden en daarmee structuur in de werkweek. Die overtuiging was van vroeg in de re-integratie en heel hardnekkig. Die stond a.h.w. los van de door mij begrepen, gevoelde en geaccepteerde realiteit dat stoppen met werken het beste was.
Ander niveau dus.
En nu? Aan de slag met de testosteronbodem die er niet is. Waarvan ik weet dat die er niet is. En met het hokje in mijn hoofd dat daar maar niet aan wil. Dat hokje heeft moeite het deurtje open te zetten en die overtuiging te laten oplossen.
Aan het eind van het gesprek vroeg de psycholoog hoe ik het besprokene zou opschrijven. Nou, zo ongeveer dus, zoals ik het appje aan mijn jongste zus formuleerde.
P.S. van een week erna:
Huisarts. Zoladex-prik. Vaste prik: update hoe het met me gaat. Uitgelegd geen bodem, dat wel weten, dat het niettemin schuurt, psycholoog, … .
Zegt hij: kan het rouw zijn? Rouw omdat er een open einde is ipv een bodem of eindpunt? Rouw om het verlies dat groter is dan je verwachtte?